Bewegingsspellen

Gooi en beweeg

Klik hier om het spel te downloaden.

gooi en beweeg spel juf sanneVoorbereiding:
Druk het overzichtsblad met de poses af, pak een dobbelsteen en geef elke speler zijn eigen kleur fiches. Het is aan te raden het overzichtsblad te lamineren als je het spel regelmatig wilt aanbieden.

Spel 1:
De spelers gooien om beurten met de dobbelsteen. De speler kijkt welke pose er in de kolom staat die overeenkomt met de stippen op de dobbelsteen en probeert deze pose na te imiteren. Vervolgens legt hij een fiche op dit vakje. Hij heeft nu een punt gescoord. Nu is de volgende speler aan de beurt. Hij gooit eveneens met de dobbelsteen en probeert de pose aan te houden. Ook hij legt een fiche op deze pose na voltooiing. Zo gaat het spel verder. Je hoeft niet te spelen om te winnen, maar je zou naderhand kunnen bekijken welke speler de meeste poses heeft uitgevoerd.

gooi en beweeg spel juf sanneSpel 2:
Geef de kinderen twee gekleurde dobbelstenen, en laat deze gooien met de witte dobbelsteen. De twee gekleurde dobbelstenen bepalen hoeveel tellen het kind de pose moet proberen aan te houden.

Spel 3:
Gebruik de grote kaartenset. Knip de vakken uit en lamineer de kaarten. Leg ze op een stapel met de afbeelding op tafel. Een kind neemt een kaart van de stapel en bekijkt deze. Hij zorgt dat de andere kinderen deze kaart niet kunnen zien en houdt de pose aan. De andere kinderen bekijken de kaart en geven de pose aan die het kind probeerde te imiteren. Ook hier hoef je niet te spelen om te winnen, maar mocht je dat wel willen doen zou je fiches op de kaart kunnen laten leggen. Je zou ook elke speler een eigen overzichtskaart kunnen geven en kruisjes kunnen laten zetten. De speler met de meeste kruisjes is de winnaar van het spel.

gooi en beweeg spel juf sanneSpel 4:
Gebruik de grote kaartenset. Knip de vakken uit en lamineer de kaarten. Leg ze op een stapel met de afbeelding op tafel. Een kind neemt een kaart van de stapel en bekijkt deze. Hij zorgt dat de andere kinderen deze kaart niet kunnen zien en beschrijft de pose aan de anderen. Hij geeft de kaart aan het kind die het beste de pose heeft aangenomen. Als alle kaarten op zijn, wordt er gekeken welke speler die de meeste kaarten heeft. Hij wint het spel.

Spel 5:
Een kind neemt twee kaarten en zorgt dat de anderen deze niet kunnen zien. Hij beeldt de twee poses uit. De andere kinderen doen hem na en geven naderhand aan welke poses er werden uitgebeeld.

 

Spel 6:
Stop de kaarten in de dobbelstenen met insteekhoezen. Deze zijn te koop bij Credu.nl . Verdeel de klas in vier groepen en laat ze steeds gooien met de dobbelsteen. De gegooide pose wordt uitgevoerd.

Spel 7:
Stop de kaarten in de dobbelstenen met insteekhoezen en druk de turfbladen af. Let erop dat je kaarten in de dobbelstenen steekt die op het turfblad staan.
Verdeel de klas in vier groepen en laat ze steeds gooien met de dobbelsteen. De gegooide pose wordt uitgevoerd. Neem het turfblad erbij en laat de kinderen telkens een kruisje in het vakje zetten bij de kolom van de uitgevoerde pose. Naderhand wordt bekeken welke pose het meest is uitgevoerd. Deze wordt door de hele klas geïmiteerd.

Spel 8:
Druk de kaarten twee keer af. Knip de kaarten van een set los, lamineer deze en leg ze op een stapel. Geef vier kinderen een aflegkaart. Speel vervolgens bingo. De kinderen draaien steeds een kaart van de stapel om en bekijken wie deze op zijn kaart heeft staan. Dit kind mag de kaart hebben nadat hij de pose heeft uitgevoerd. Het kind dat als eerste zijn kaart vol heeft, roept: bingo! Hij is de winnaar van het spel.

Spel 9:
Druk de kaarten vier keer af, lamineer ze en geef vier spelers evenveel kaarten. Ze draaien nu tegelijkertijd een kaart om. Als er twee dezelfde kaarten op tafel liggen, nemen alle spelers zo snel mogelijk deze houding aan. Je kunt ook een bel van Halli Galli toevoegen. Als een kind twee dezelfde kaarten heeft gezien en op de bel slaat, mag hij deze pose aannemen. Als hem dat lukt, mag hij de kaarten hebben. De speler die aan het eind van het spel de meeste kaarten heeft, is de winnaar.

Spel 10:
Geef de kaarten aan de kinderen en bekijk wat ze ermee gaan doen. Ze zullen je zeker verrassen!

Dobbelsteen met vakjes