Spelles lente

kip01

Spelles thema lente

Je kunt de liedjes vervangen voor liedjes die bekend zijn in je eigen groep of je kunt de tekst kan je naar eigen idee aanpassen.

Inleiding:

De leerkracht vertelt en de kinderen voeren uit.
Kom je mee naar buiten, het is lente en prachtig weer: kinderen lopen rond in speellokaal.
Heerlijk is het, zullen we kijken hoe het daar verderop in het weiland is, kom we rennen er naar toe. O jee een sloot, spring er maar over. Wat jammer nou, één voet toch nog in de sloot en nat, dan moeten we verder hinkelen (zing eventueel: hinkel de pinkel daar komen wij aan, wij hebben geen kousen of schoenen meer aan, met de handen op de rug, hinkel de pinkel en dan weer terug).
Heb je gezien dat er ook paarden rond lopen?
(zing het lied en de kinderen gaan vanzelf wel huppelen: pony, pony paardje mag ik vragen, pony, pony paardje wil je me dragen, wil je me brengen naar de groene wei, pony, pony paardje, wij horen erbij).
Goh wat leuk, er zijn ook kippen , ga maar op je hurken lopen, kan je ook met je vleugeltjes op en neer gaan? (zing: tokke tokke tok, tokke tokke tok, kipje kom toch uit je hok, alle kipjes lopen rond, pikken wormpjes uit de grond, tokke tokke tok, kipje kom toch uit je hok).
kipkuiken01

Kern 1:

Leerkracht vertelt het verhaal van “Kip Kakeltje”. Kinderen beelden uit wat er wordt verteld. Na elke zin even wachten.|

Kip Kakeltje heeft een ei gelegd.
Drie weken lang heeft ze erop gezeten……….
om het ei uit te broeden…………………
En op een dag …………………………
Het ei beweegt……………………….
Binnen in het ei zit een kuikentje……
het wil er uit……….
Het pikt tegen de schaal……
Hoor maar: riktiktik………..
Steeds harder……….
Even uitrusten………..
Riktiktik…..
Een piep klein gaatje.
Er komt een kopje uit………
Hij kijkt naar links………..
Hij kijkt naar rechts……..
Het stapte uit het ei……
Het kuikentje waggelt………
Hij slaat op en neer met zijn vleugeltjes……..
Nu piept het………….
Eerst één keer….
dan een paar keer achter elkaar…………
Hij kijkt verwonderd rond………
Het zoekt een wormpje……………
Het vindt er één en pikt het op…………
Het kuikentje wordt moe………..
Zijn kopje gaat hangen…………..
Het gaat naar moeder kip………….
Het zit veilig ineengedoken onder haar vleugels……..[ga hierbij zelf in het midden van het speellokaal op de grond zitten]

(Het verhaaltje van Kip Kakeltje komt uit een taalactivereringsprogramma van Uitgeverij Malmberg uit 1978 en is met toestemming van Malmberg geplaatst).

gras01

Kern 2:

Groen is gras
Alle kinderen staan in een kring en houden elkaars hand vast, één leerling wordt gekozen om rond de kring te lopen. Loopt deze leerling linksom, dat lopen de kinderen in de kring rechtsom.
Bij “hé daar”, blijft de kring stil staan en de leerling die rond loopt steekt zijn/haar arm naar voren en gaat tussen twee leerlingen door in de kring en aan de overkant  weer uit weer uit de kring. Aan het einde van het lied tikt hij/zij één of een aantal kinderen op de rug, spreek van te voren af hoeveel. De kinderen die getikt zijn geven de loper een hand (maken een rij) en de overige kinderen blijven in de kring.
Het spel herhaalt zich meerdere malen totdat er niemand meer in de kring is. Je kunt het lied dan nogmaals zingen en de loper en alle kinderen blijven lopen, tot slot geeft de loper de laatste leerling in de rij een hand en heb je weer een kring.

(Tip: Je kan hierbij aandacht besteden aan o.a. waar zijn meer kinderen, in de rij of in de kring, hoeveel zijn er meer , begrippen als meeste, minste en evenveel)

Groen is gras, groen is gras, onder mijne voeten, heb verloren mijn beste vriend, waar zal ik die zoeken? Hé daar plaats gemaakt voor de jonge dame. En de koekoek op het dak zingt zijn lied op zijn gemak. O, mijn lieve Augustijn, deze dame zal het zijn.

verstoppen01

Afsluiting:

Eindig kern 2 in een kring, kinderen laten de handen los en gaan op de grond zitten. Speel tik tik wie ben ik?, maar i.p.v. tik tik zou je ook tokketokketok wie ben ik kunnen doen of kies een ander dierengeluid.