Terug naar Cijfers en rekenen

Cijfers en rekenen kringactiviteiten

Download de volgende bestanden en print ze uit:

Als het goed is heb je dus in totaal 22 kaartjes.

  • 11 kaartjes met cijfers 0 t/m 10
  • 11 kaartjes met voorwerpen 0 t/m 10

Rekenidee 1

Bespreek met de kinderen de cijfers. Leg de cijfer op de mat, en laat de kinderen de cijfers van 0 tot en met 10 in de goede volgorde leggen. Pak nu de kaartjes met de voorwerpen erop. Bespreek deze eveneens met de kinderen. Laat de kinderen de voorwerpkaartjes bij de het goede cijfer neerleggen

Ontwikkelingsmateriaal wat hier bij aansluit:

  • Telwel
  • Getallenboom
  • Telstart

Rekenidee 2

Je hebt nodig:

  • cijferkaartjes
  • telmateriaal (dopjes, schelpen, viltstiftdoppen, fiches,
    buitenlands geld, blokjes etc)

Laat de kinderen de cijfers van 0 t/m 10 in de goede volgorde op de mat leggen. (dit hoeft niet persé een kringactiviteit te zijn, een kind kan dit ook gewoon individueel doen). Als het kind al redelijk goed is met cijfers, dan kan je de cijfers ook in een onlogische volgorde laten neerleggen. Laat ze nu onder de cijfers het juiste aantal neerleggen. Als ze klaar zijn dan kan je de voorwerpkaartjes er onder laten leggen. Je kan ook nog zeggen, nu wil ik dat je twee meer neerlegt, of 1 minder.

 

 Rekenidee 3

Leg de rij 0 t/m 10 neer op de mat, maar laat 5 cijfers weg uit de rij. Vraag aan de kinderen, welk cijfer er als eerste in de rij mist. Maak de rij compleet. Je kan de plaatjeskaartjes eronder leggen. Leg de rij 0 t/m 10 weer op de mat, draai nu 5 cijfers om zodat je de achterkant boven hebt. We gaan nu de gaatjes opvullen met de plaatjeskaartjes. Dus mist nummer vijf, dan zoeken we het plaatkaartje met de 5. Laat ze het kaartje neerleggen op het plekje waar het cijfertje lag. Draai als laatste het cijfertje om zodat je kan controleren of de kinderen het goed hebben gedaan.

Ontwikkelingsmateriaal wat hier bij aansluit:

  • getallenlijn

Werkbladen die hier bij aansluiten:

Rekenidee 4:

Leg op de mat telmateriaal. Knopen, schelpen, fiches, dopjes, wat dan ook. Het moet heel veel zijn en redelijk verspreid. Geef nu aan de kinderen touwtjes en laat ze zonder het telmateriaal aan te raken groepjes van vier (of 3, of 5) maken.

 

Rekenidee 5:

Laat een kind cijferplankjes van 1 tot 10 op de mat leggen. Het kind moet het juiste aantal fiches eronder leggen. Als ze de telrij al goed kennen, dan laat je ze de cijfers door elkaar neerleggen, dus niet in de goede volgorde. Als ze dat ook goed gedaan hebben dan laat je het kind er steeds 2 meer in de rij neerleggen. Dus 10 wordt 12, 4 wordt 6, etc. Op papieren kaartjes kunnen ze dan de getallen gaan stempelen, en erbij gaan leggen. Ook kan je ze 1 minder laten neerleggen, met ander telmateriaal.

Sommenbingo voor groep 3:

Download al deze bestanden en print ze uit op wat steviger, en dikker papier. Het beste is 160 grams, dan blijft het allemaal net wat steviger. Plastificeer alle kaarten, en knip de kaart sommen + (3 kb) en sommen – (5 kb) in kleine stukjes. Het is heel simpel, elke leerling krijgt een kaart, hij heeft in zijn la, een doosje van een fotorolletje met daarin fiches. De leerkracht pakt een kaartje, en roept in de klas de tafel, bijvoorbeeld 10 + 5, de kinderen kijken of ze het antwoord van  10 + 5  op hun kaart hebben. De leerkracht legt de som op het leerkrachtenblad op het juiste antwoord, namelijk 15. Je kunt ook eerst voor één of twee rij(en) spelen. Je zegt dan: we spelen voor de rij van de kat, en het paard. Zodra iemand bingo heeft krijgt hij een sticker of zoiets. Daarna kan je doorgaan voor een volle kaart. Het is een vreselijk leuke en leerzame activiteit.

Tafelbingo voor groep 4

Download al deze bestanden en print ze uit op wat steviger, en dikker papier.Het beste is 160 grams, dan blijft het allemaal net wat duurzamer en gaat het langer mee. Plastificeer alle kaarten, en knip de kaart tafels (3 kb) in kleine stukjes. Het is heel simpel, elke leerling krijgt een kaart, hij heeft in zijn la, een doosje van een fotorolletje met daarin fiches. De leerkracht pakt een kaartje, en roept in de klas de tafel, bijvoorbeeld 3 x 5, de kinderen kijken of ze het antwoord van  3 x 5 op hun kaart hebben. De leerkracht legt de tafel op het leerkrachtenblad op het juiste antwoord, namelijk 15. Je kunt ook eerst voor één of twee rij(en) spelen. Je zegt dan: we spelen voor de rij van de koe, en het paard. Zodra iemand bingo heeft krijgt hij een sticker of zoiets. Daarna kan je door gaan voor een volle kaart.

Permanente koppeling naar dit artikel: http://www.jufsanne.com/lesidee/cijfers-en-rekenen/cijfers-en-rekenen-kringactiviteiten/