↑ Terug naar Bewegingslessen

Spelles vervoer

 handtrom01

Spelles vervoer

Dit heb je nodig:

  • 4 matten
  • handtrom

Inleiding:

De kinderen mogen vrij bewegen door de ruimte. Jij geeft aan welke beweging ze gaan maken, bv. lopen, rennen, hinkelen, huppen of huppelen.

Als je 3 keer op de trommel slaat, dan gaan de kinderen groepjes van 3 kinderen maken, het zijn dan treinen met drie passagiers. De treinen met drie passagiers blijven de beweging maken die is afgesproken, net zolang tot ze weer de trommel horen. Horen ze twee klappen op de trom, dan zitten ze er maar met z’n tweeën in, horen ze vier klappen op de trom, dat zitten ze met z’n vieren in de trein.
Spreek af dat als je heel vaak op de trommel slaat, dat ze dan een hele lange trein gaan maken.

 

 trein01

Kern 1:

Een treintje ging uit rijden

De kinderen lopen in een lange rij achter elkaar aan, bij “zij deden zo”, staat de trein stil en de voorste leerling bedenkt een beweging of gebaar, de andere kinderen doen dit na. Als het liedje is afgelopen gaat de leerling die vooraan stond achteraan staan en wordt het liedje herhaald.

Je kunt dit ook tegelijkertijd met twee of drie treinen doen, iedere trein maakt een eigen beweging.

Een treintje ging uit rijden, van Amsterdam naar Rotterdam

en achter al die raampjes, daar zaten zoveel kinderen

en die deden zo en die deden zo,

achter al die raampjes.

En die deden zo en die deden zo,

zie za, zo.

 

 

 vrachtwagen01

Kern 2:

Tikspel

Chauffeur, chauffeur zijn we er al?

Leg verspreid in het speellokaal 4 matten klaar, de mat is een bushalte en in de bushalte mogen de kinderen niet worden getikt.

Eén leerling, de tikker, loopt voorop en de andere kinderen lopen er achteraan. Ze houden elkaar bij schouders of middel vast. De kinderen vragen voortdurend: “Chauffeur, chauffeur zijn we er al?” De chauffeur als antwoord, we zijn nu in(bv) Amsterdam. De  kinderen blijven vragen en de chauffeur geeft steeds als antwoord dat ze in een bepaalde plaats zijn, maar zegt de chauffeur uitstappen, dan mogen de kinderen elkaar los laten en mag de Chauffeur gaan tikken. Wie getikt is gaat op de bank zitten.

Ben je naar een bushalte gelopen om niet getikt te worden dan blijf je daar totdat de je weer in de bus mag stappen, dus achter de buschauffeur lopen.

I.p.v. Chauffeur, chauffeur mag ik mee, kan je ook Schipper mag ik overvaren spelen.

fietskleur1

Afsluiting:

De kinderen mogen op de grond gaan zitten liggen, maar niet te dicht bij elkaar. Je zou eventueel ook een kring kunnen maken en dan de  kinderen op de grond laten liggen. De kinderen liggen op de rug, met de benen in de lucht en maken trappende bewegingen, alsof ze fietsen. Bij de laatste regel laten alle kinderen hun benen op de grond vallen.

Zing hierbij het volgende lied:

Puntbaardjes fiets was een heel oude fiets,

Zonder stuur, zonder bel, zonder rem.

Het kraakte en piepte het was geen gehoor,

Maar Puntbaardje trapte maar door.

Met een kronkel in het wiel

En een kurk op het ventiel,

zo was Puntbaardje toch mobiel.

Maar opeens…………..

Toen knapte zijn band

en Puntbaardje lag in het zand.

(lied wordt gezongen op de melodie van grootvadersklok).

Share Button

Permanente koppeling naar dit artikel: http://www.jufsanne.com/lesidee/bewegingslessen/spelles-vervoer/