↑ Terug naar Bewegingslessen

Spelles Sinterklaas 1

 sinterklaas

Spelles Sinterklaas 1

Dit heb je nodig:

  • jute zak
  • pittenzakjes
  • pietenmutsen

Voorbereiding:

  • Zet vooraf aan de les blokken in het speellokaal her en der op de grond.

Inleiding:

Lopen als…………..

De kinderen lopen in het speellokaal. Geef ze de volgende opdrachten:

  • Alle zwarte Pieten hebben haast, ze moeten heel snel naar de boot. Ren maar eens zo hard als de Pieten.
  • Loop eens als Sinterklaas, kan je daarbij ook zwaaien als Sinterklaas?
  • Loop eens al zwarte Piet op het dak, doet hij dat zachtjes?
  • Doe alsof je een hele zware zak met cadeautjes draagt.
  • Sinterklaas zit op het paard, hoe loopt het paard? Kan jij dat ook.
  • Zou het paard ook kunnen galopperen? Probeer maar eens. (eventueel ook zijwaartse galop)
  • Zwarte Piet kan sluipen, doe maar mee.

Herhaal deze opdrachten eventueel nog een keer en eindig in een kring.

 

 muts01

Kern 1:

Zangspel:

Daar liep een Piet op straat.

De kinderen staan in de kring en één leerling wordt gekozen als zwarte Piet. De kring draait tijdens het zingen de ene kant om en zwarte Piet loopt in tegenovergestelde richting.

Bij het zingen van jutekei enz, staat de kring stil en maakt Pietje danspassen met de handen in de zij. De leerling die op dat moment tegenover Piet staat, doet met Piet mee. Dan loopt Piet weer verder en de kring gaat ook weer verder. Bij de laatste keer Jutekei, doet weer de leerling tegenover Piet mee met het dansen, is het lied uit, dan mag er gewisseld worden. Piet gaat in de kring en de leerling die het laatst tegenover Piet stond, mag nu Piet zijn.

Daar liep een zwarte Piet op straat. Ju te kei, ju te kei, ju te kei sa sa.

Zij (hij) had haar (zijn) pietenmutsje op. Ju te kei, ju te kei, ju te kei sa sa.

En waar die zwarte Piet ook liep. Vergat zij (hij) haar (zijn) pietenmutsje niet.

Ju te kei, ju te kei, ju te kei sa sa. Ju te kei sa sa.

(het dansen kan als volgt, handen in de zij  en de leerling springt van het ene op het andere been, staat het kind op linkerbeen, dan zwaait rechterbeen iets opzij en staat leerling op rechterbeen, dan linkerbeen opzwaaien)

 

Kern 2:

Tikspel:

Piet is de cadeautjes kwijt.

Eén leerling is tikker, dit is Piet. Piet heeft een lege zak in zijn handen en alle kinderen hebben een cadeautje (pittenzakje). Zet Piet eventueel een Pietenmuts op. Piet telt tot 10 en dan gaat hij/zij tikken. Wie getikt is moet de cadeautje in de zak van Piet doen en gaat op de bank zitten. Laat Piet een paar minuten tikker, misschien kan hij alle cadeautjes wel weer terug krijgen. Piet mag zelf een nieuwe Piet kiezen en herhaal het tikspel een aantal keer.

Heb je een kleine groep, dan kan je iedere leerling ook twee pittenzakken geven. Wie getikt is doet één pitten zak in de zak, maar mag nog meedoen met het spel, maar wordt hij/zij voor de tweede keer getikt, dan wel op de bank gaan zitten.

piet06

Afsluiting:

Piet heeft verdriet, zou hij de cadeautjes al weer kwijt zijn?

De kinderen staan in een kring staan. Eén leerling wordt gekozen als zwarte Pietje en zit in het midden van de kring op de grond, heel zielig, alsof hij/zij huilt.

Bij “Sta op”, gaat de Pietje  staan en kiest iemand uit de kring. Op “Tralala…..”, dansen zij samen rond en zingen en klappen de overige kinderen. Het kind dat gekozen is, mag hierna in de kring gaan zitten en wordt het spel herhaald

De kinderen kunnen ook wat ze zingen meedoen met hun handen, zoals in de ogen wrijven, als ze huilen, tranen afdrogen en een gebaar maken dat de kabouter moet gaan staan.

Daar zat een zwarte Pietje huilend bij de schoorsteen,

huilend, huilend heel de nacht alleen.

Sta op Pietje lief en droog  je traantjes af,

kies er eentje uit de kring,

want anders ben je af.

Tra-la-la-la-la-la-la-la-la,

la-la-la-la-la-la-la-la-la-la-la-la-la.

 

Share Button

Permanente koppeling naar dit artikel: http://www.jufsanne.com/lesidee/bewegingslessen/spelles-sinterklaas-1/