Terug naar Informatie voor ouders

Woordenboek

Een algemeen woordenboek met termen en afkorting zoals ze veel in het (basis-)onderwijs gebruikt worden:

Aanvankelijk lezen

Het beginnende lezen in groep 3, waarbij de nadruk ligt op het leren verklanken van eenvoudige woorden.

ABP

Stichting Pensioenfonds ABP

ACOA

Adviescommissie Onderwijs-arbeidsmarkt

Actieve woordenschat

De woorden die een taalgebruiker productief tot zijn beschikking heeft, met andere woorden: die de taalgebruiker bij spreken en schrijven zelf gebruikt of kan gebruiken.

Adaptief onderwijs

Wanneer je adaptief onderwijs verzorgt, worden de niveauverschillen tussen kinderen gebruikt om aanbod op maat te leveren.

ADHD

ADHD staat voor Attention Deficit Hyperactivity Disorder, oftewel Aandachts-Tekort-Stoornis met Hyperactiviteit. Makkelijker te onthouden is misschien Alle Dagen Heel Druk. Maar: deze benaming klopt niet helemaal omdat niet iedereen met ADHD hyperactief of druk is! In het Engels heeft men het vaak over ADD, dus zonder H, als men àlle ADHD bedoelt, dus met en zonder hyperactiviteit.

ADV

Arbeidsduurverkorting

Afasie

Taalstoornis in het begrijpen van taal en het zich uitdrukken in taal, die wordt veroorzaakt door een hersenbeschadiging en waarbij (delen van) het taalsysteem wordt beschadigd en die tot een onvermogen om taal te begrijpen of te gebruiken tot gevolg heeft.

Analogiemethode

Het leren lezen of spellen van woorden door ze te vergelijken met kapstokwoorden (woorden met dezelfde spellingmoeilijkheid).

Anker

Een anker is een gezamenlijk startpunt, een rijke, betekenisvolle context dat leervragen bij de kinderen oproept. De activiteiten in de groep worden op de interesses van kinderen afgestemd. Kinderen nemen daarbij het initiatief om met onderwerpen aan te komen, aan te geven wat zij graag willen weten. Het werken met een anker is een didactiek binnen interactief taalonderwijs. Als anker kunnen fungeren een verhaal, een excursie, een videofragment, een poppenkastspel etc.

Anticiperend lezen

Een vorm van radend lezen, waarbij een woord gelezen wordt dat er niet staat, maar dat wel in de context past.

AOB

Algemene Onderwijsbond

AOC

Agrarisch Opleidingscentrum

APS

Algemeen Pedagogisch Studiecentrum

Auditieve analyse

Deelvaardigheid van het aanvankelijk lezen, waarbij d.m.v. gehoor een grotere eenheid in kleinere wordt verdeeld, bijvoorbeeld een woord in klanken.

Auditieve discriminatie

Deelvaardigheid van het aanvankelijk lezen waarbij het horen van klankovereenkomsten en klankverschillen centraal staat.

Autisme

Iemand heeft een autistische stoornis als er sprake is van:

a. Een stoornis in het contact met andere mensen. Sommigen houden zich volledig afzijdig. Anderen zoeken juist te veel contact, maar het blijft een bizar eenrichtingsverkeer. Voor beide groepen blijven mensen onvoorspelbare wezens, die je niet echt kunt begrijpen of aanvoelen.

b. Een stoornis in communicatie en taalgebruik. Velen spreken niet of nauwelijks, anderen praten wel, maar op een eigenaardige manier (stemgeluid, woordkeus, veel herhalingen). Sommigen zijn misleidend welbespraakt doch ook voor hen blijft het vaak eenrichtingsverkeer. Allen kunnen hun gevoelens moeilijk onder woorden brengen. Ook het verstaan en hanteren van gebarentaal en mimiek schept voor hen problemen en verwarring.

c. Een stoornis in het voorstellingsvermogen. Mensen met een autistische stoornis hebben moeite zich een juiste voorstelling te maken van iets wat niet aanwezig is, van wat er gaat komen of van wat er geweest is. Ze hebben steeds “plaatjes” of eenvoudige teksten nodig om het zich voor de geest te halen. Zij kunnen zich moeilijk ergens op voorbereiden of iets verwerken. Zij hebben geen fantasie of een teveel aan fantasie, waardoor ze meegesleept worden in vaak angstige gedachtespinsels.

d. Een opvallend beperkt gebied van belangstelling en activiteiten. Mensen met een autistische stoornis worden vaak slechts geboeid door één of twee voorwerpen, activiteiten of gedachten. Zij blijven hieraan kleven en kunnen in een eindeloos herhalen vervallen van b.v. open en dicht draaien van kranen, dezelfde muziek beluisteren, of het steeds maar praten over een bepaald onderwerp b.v. landkaarten of dinosaurussen.

AVO

Algemeen Voortgezet Onderwijs

BAPO

Bevordering Arbeidsparticipatie Ouderen

BB

Basisberoepsgerichte Leerweg

BBL

Beroepsbegeleidende Leerweg

BBO

Beroepsbegeleidend Onderwijs

Beelddenker

Iemand die in beelden denkt kan heel intelligent zijn. Het is een hele snelle manier van denken: in één beeld omvat je het hele probleem. Het lastige is dat je dat beeld niet zo snel in woorden, zinnen of cijfers kunt omzetten. Het ontbreekt de beelddenker nogal eens aan geduld: het volgende beeld vraagt alweer de aandacht. Ook weet men vaak niet waar men moet beginnen. Op school is dit vaak de aanleiding tot een reeks problemen. Als er dictee wordt gegeven heeft het beelddenkende kind direct een plaatje van de zin in het hoofd. Maar de bijbehorende woorden is het vaak direct kwijt. Het beeld vraagt alle aandacht. De overstap naar woorden is te groot.

Begrijpend lezen

Het toekennen van betekenis aan geschreven taal, een actief en complex proces waarbij zaken als woordenschat, voorkennis en een juist gebruik van leesstrategieën van essentieel belang zijn.

Betrokkenheid

Kinderen zijn betrokken wanneer zij geconcentreerd, geboeid en geïnteresseerd aan het werk of aan het luisteren zijn.

BOL

Beroepsopleidende Leerweg

Bottom up model

Leesmodel waarbij het lezen vanuit de basis, dat wil zeggen vanuit losse klanken wordt opgebouwd.

BPV

Beroepspraktijkvorming

Brede school

De ‘brede school’ is een samenwerkingsverband tussen partijen die zich bezighouden met kinderen van 0 tot 18. Waar kinderen warm eten tussen de middag, ouders ’s avonds terecht kunnen, waarin een bibliotheek is gevestigd en de voor- en naschoolse opvang een logisch vervolg is op het onderwijs.

BVE

Beroeps- en Volwasseneneducatie

CAO

Collectieve arbeidsovereenkomst

CASO

Commissie Automatisering Salarisadministratie Onderwijs

CED-Groep

Landelijk opererende onderwijsbegeleidingsdienst met hoofdlocatie in Rotterdam. Voor begeleiding en productontwikkeling van VVE tot BVE

CITO

Centraal Instituut voor Toetsontwikkeling

CKV

Culturele en Kunstzinnige Vorming

CNV

Christelijk Nationaal Vakverbond

Competenties

Bekwaamheden en vaardigheden

Constructivisme

De theorie van het constructivisme van Piaget gaat ervan uit dat kinderen tot ontdekkingen komen omtrent gesproken en geschreven taal door actief met hun wereld bezig te zijn. Door nieuwe informatie te integreren en op te slaan in het geheugen breiden zij hun taal- en kennissysteem uit. Binnen (interactief) taalonderwijs kunnen leerkrachten de actieve inbreng van leerlingen vergroten door uit te gaan van een krachtige leeromgeving waarin leerlingen zelf keuzes kunnen maken en een eigen betekenis leren toekennen aan de leerinhoud. Van belang is dat leerlingen de gelegenheid krijgen een eigen betekenis toe te kennen aan de verschijnselen en gebeurtenissen in de wereld om zich heen en hun eigen positie daarbinnen.

Coöperatief leren

Coöperatief leren wordt in het Nederlands ook wel ‘samenwerkend leren’ genoemd. Bij coöperatief leren draait het om interactie en samenwerking tussen leerkracht en kinderen en vooral tussen kinderen onderling. Bij taalonderwijs gaat het om effectieve communicatie, toch vindt er bij veel taaloefeningen helemaal geen communicatie plaats tussen de leerlingen, hoogstens tussen de leerkracht en enkele kinderen. Luisteren, lezen, spreken en schrijven, zijn daarom vaardigheden die in interactie moeten worden geoefend en samenwerking is daarbij noodzakelijk.

CvI

Commissie voor Indicatiestelling

Didactiek

De manier van onderwijzen.

Differentiëren

Werken met de niveauverschillen in de klas op cognitief niveau, maar ook op sociaal-emotioneel niveau

DOP

Doorstroming onderwijspersoneel

Dyslexie

Letterlijk geeft het aan dat iemand minder vermogen heeft om te lezen (‘Lexie’ is Grieks voor ‘woord’ en ‘dys’ betekent verstoord functioneren). Maar iemand met dyslexie heeft ook altijd problemen met zuiver schrijven. En om het nog ingewikkelder te maken kan dezelfde stoornis problemen geven met het vinden van de juiste woorden en het maken van goede zinnen.

EGO

ervarings gericht onderwijs

ESM

Ernstige Spraak- en Taalmoeilijkheden

Evalueren

Nagaan hoe iets verlopen is, leerpunten verzamelen uit het handelen.

Faalangst

Het kenmerkende van faalangst is, dat deze angst slechts optreedt in bepaalde toestanden. Vandaar de naam: angst als toestand. Faalangst treedt slechts op in bepaalde situaties of bij bepaalde gebeurtenissen. Het is, als het ware, een afgebakende angst die je kunt benoemen. Het heeft ergens mee te maken. Een tweede belangrijk kenmerk van faalangst is, dat er sprake moet zijn van het min of meer verplicht uitvoeren van een bepaalde taak, ofwel opdracht. Samengevat: Faalangst is een angst als toestand, die met name voorkomt in situaties waarin mensen taken worden opgedragen.

FPU

Flexibel Pensioen en Uittreden

Freinet onderwijs

Het onderwijs vindt niet plaats aan de hand van vaste methodes, maar vertrekt vanuit de ervaringen en belevingen van de kinderen. De leraar en de groep zorgen er samen voor dat hier zinvol mee gewerkt kan worden. Leren is niet opnemen wat anderen bedacht hebben, je leert pas echt als je al handelend experimenteel kunt zoeken en ontdekken en daar met anderen over kunt communiceren. De leraar bepaalt niet eenzijdig wat er gebeurt, maar de groep en de leraar plannen in democratisch/coöperatief overleg het werk.

FUWA

Functiewaardering

FUWASYS

Functiewaarderingssysteem

Gilles de la Tourette

Tourette is een erfelijke aandoening die berust op een stoornis in een hersenfunctie. Hoewel de juiste oorzaak nog steeds niet bekend is, spelen neurotransmitters een grote rol. Het gaat dus om chemische stoffen die de prikkeloverdracht tussen de zenuwcellen regelen. Dat geldt met name voor dopamine en mogelijk ook voor serotonine en noradrenaline.Hersenonderzoek levert weinig op: men kan de aandoening eigenlijk niet anders ‘bewijzen’ dan door observatie van de symptomen.De ziekte is voor het eerst beschreven in 1885 door de Franse neuroloog George Albert Eduard Brutus Gilles de la Tourette n.a.v. enkele gevallen in zijn praktijk en wordt meestal het Tourette-syndroom, Tourette of GTS genoemd.

GL

Gemengde Leerweg

GO

Georganiseerd overleg

HAVO

Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs

HBO

Hoger beroepsonderwijs

Holistische visie

Opvatting dat lezen en schrijven vaardigheden zijn, waarbij techniek en begrip eenheid vormen. Voor het leesonderwijs geldt dat het lezen niet kan worden opgedeeld in deelvaardigheden en als een betekenisvolle eenheid moet worden aangeboden.

Hyperlexie

In staat zijn tekst adequaat te decoderen, terwijl het tekstbegrip onvoldoende is.

IB

Interne Begeleiding

IB-Groep

Informatie Beheer Groep

ICT

Informatie- en Communicatietechnologie

Interactie

Communicatie. Begrip dat steeds meer centraal staat in het taalonderwijs dat -zo blijkt uit onderzoek- te weinig interactief is.

Intercultureel onderwijs

Met intercultureel onderwijs bedoelen we actief en efficiënt leren omgaan met sociale en culturele diversiteit. Deze verscheidenheid bevat allerlei dimensies, zowel culturele, etnische, sociale, uiterlijke als andere dimensies. We vinden ze terug bij leerlingen, leerkrachten en ouders. De alledaagse omgang tussen mensen die van elkaar kunnen verschillen, verloopt liefst zo positief mogelijk, maar dit gebeurt niet vanzelf. Omgaan met verscheidenheid moet je blijkbaar leren. We noemen het de interculturalisering van de samenleving: het beter leren functioneren in de pluriforme maatschappij zoals ze is.

IVBO

Individueel Voorbereidend Beroepsonderwijs

Jenaplanschool

Het Jenaplan is geen vaststaand onderwijsmodel, maar een ‘interpreteerbaar grondmodel’. Omdat het jenaplan geen dwingende gedragsregels voorschrijft, is geen enkele Jenaplanschool gelijk.

JSW

Jeugd in School en Wereld. Vakblad voor het onderwijs.

KB

Kaderberoepsgerichte Leerweg

Kerndoelen

In 1998 vastgestelde einddoelen voor het basisonderwijs.

Kleefletters

In het spellingonderwijs zijn lettercombinaties als lk, rk enz. moeilijk te verklanken. Er wordt vaak een u tussen geschreven. Om duidelijk te maken dat er geen klank tussen hoort, wordt gesproken van kleefletters.

KPC Groep

Een innovatie-instituut dat zich richt op het verbeteren van leerprocessen van individuen en organisaties

KSB

Kwalificatie Structuur Beroepsonderwijs

KSE

Kwalificatie Structuur Educatie

LAKS

Landelijk Aktie Komitee Scholieren

Leerlingvolgsysteem

Hierin wordt het functioneren van de leerling gevolgd. Alle vorderingen, achterstanden en resultaten worden hierin verwerkt om zo voor een compleet beeld van de ontwikkeling van het kind te zorgen.

Leesblindheid

Evenals woordblindheid verouderd begrip voor dyslexie, afkomstig uit de tijd dat men er van uit ging dat een oogafwijking ten grondslag lag aan dyslexie.

LGF

Leerlinggebonden Financiering

LIO

Leraar in opleiding

LOB

Landelijk Orgaan Beroepsonderwijs

LOM

Leer- en Opvoedingsmoeilijkheden

LSF

lesschemaformulier

LWOO

Leerwegondersteunend Onderwijs

LZ

Langdurig Zieken

Macroniveau

Relaties van de school met instanties buiten de school: onder andere Riagg, vertrouwensarts, wijkagent, enzovoort

MAVO

Middelbaar Algemeen Voortgezet Onderwijs

MBO

Middelbaar Beroepsonderwijs

Mesoniveau

Alle activiteiten die buiten de klas plaatsvinden, zoals het bijwonen van teamvergaderingen

Microniveau

Het geven van onderwijs aan de groep en het begeleiden van individuele leerprocessen van kinderen

MLK

Moeilijk Lerende Kinderen

MR

Medezeggenschapsraad

NOT

Nationale Onderwijstentoonstelling

NT-1

Nederlands als moedertaal

NT-2

Nederlands als tweede taal

NVS

Nederlandse Vereniging van Schooldecanen en Schoolloopbaanbegeleiders

OALT

Onderwijs in Allochtone Levende Talen

OBP

Onderwijsondersteunend en Beheerspersoneel

OC&W

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen

OCNV

Onderwijsbond CNV (Christelijk Nationaal Vakverbond)

OLW

Oriëntatie op Leren en Werken

Onderwijsleermiddelen

De middelen die jouw onderwijs kunnen ondersteunen. Denk hierbij aan rekenrekjes enzovoort.

Ontwikkelingsgericht onderwijs

Het betekenisgericht onderwijzen staat centraal.

OOP

Onderwijsondersteunend Personeel

OPDC

Orthopedagogisch en Didactisch Centrum

OU

Open Universiteit

PABO

Pedagogische Academie Basisonderwijs

PCBO

Protestants Christelijk Basisonderwijs

PDD-NOS

PDD-NOS,de afkorting betekent: Pervasive Developmental Disorder Not Otherwise Specified. Dit is een ontwikkelingsstoornis, aanautisme verwant, waarbij het grootste probleem is dat de kinderen zich niet in kunnen leven in een ander persoon. Ze zijn erg op zichzelf gericht, en hebben vaak meerdere achterstanden op emotioneel, sociaal en motorische gebieden.

Pedagogiek

Opvoedkunde

PO

Primair Onderwijs

PPO

Personeelvoorziening Primair Onderwijs

PrO

School voor Praktijkonderwijs

PSC HVO

Pedagogisch Studiecentrum Humanistisch Vormingsonderwijs

PSO

Praktische SectorOriëntatie

RDO

Register Directeur Onderwijs

REC

Regionaal Expertise Centrum

Reflecteren

Met reflecteren wordt bedoeld dat je terug kunt koppelen naar je eigen handelen en daaruit conclusies kunt trekken. Wat heb je gedaan, waarom heb je dat gedaan en wat heb je daar van geleerd, dus hoe doe je het de volgende keer.

ROC

Regionaal Opleidingscentrum

RT

Remedial Teaching

Samenwerkend leren

Een in de Verenigde Staten uitgewerkte onderwijsstrategie waarbij leerlingen elkaar ondersteunen bij allerlei vormen leren (peer-tutoring). Een andere vorm, waarbij gespecialiseerde tutoren een kind ondersteunen heet one-to-one tutoring.

SBL

SBL staat voor: Stichting Beroepskwaliteit Leraren en ander onderwijspersoneel. SBL bevordert de kwaliteit van het onderwijs door bekwaamheidseisen op te stellen voor leraren en door professionaliteit centraal te stellen. SBL doet dat samen met die leraren. Kortom, SBL staat voor: Goede leraren voor goed onderwijs.

SBO

Speciaal Basisonderwijs

Scaffolding

Amerikaans woord voor steiger. De leerkracht zet een steiger om het kind heen en ondersteunt het daar waar het nodig is. Dit begrip komt voor bij beschrijven van activiteiten van de leerkracht om een kind uit te dagen (bijvoorbeeld bij spel, zoals basisontwikkeling of in het piramideproject, als bij taal, bijvoorbeeld tijdens het interactief voorlezen).

Semantiseren

Uitleggen en toelichten van woordbetekenissen.

SLO

Stichting Leerplan Ontwikkeling

Sociaal leren

Sociaal leren is het leren in groepsverband, in samenspraak en samenwerking met anderen die vaak meer ervaren zijn.

Socratische gespreksvoering

Een gesprek waarbij er geen leider is. Kinderen hebben allemaal dezelfde inbrengsmogelijkheid er van uitgaande dat er geen ‘alweter’ is die de waarheid kent. Het is dus een “leiderloos” gesprek maar geen “regelloos” gesprek.

Stategisch leren

Strategisch leren houdt in dat kinderen strategieën leren voor de planning, uitvoering en controle van (taal) leerprocessen zoals bijvoorbeeld ‘hoe schrijf ik een brief aan oma om te bedanken voor het logeren’, ‘hoe leer ik woorden’. Het is één van de drie uitgangspunten van interactief taalonderwijs. Leerkrachten kunnen strategisch leren bevorderen door coöperatief leren toe te passen en door zelf model te staan en hardop denkend voor te doen hoe kinderen bepaalde activiteiten het beste kunnen aanpakken. Vooral het leren reflecteren op en controleren van eigen taalleerprocessen is van cruciaal belang voor de verdere taalontwikkeling van kinderen. Portfolio’s kunnen bij het refecteren op eigen leerprocessen een geschikt middel zijn. Hierdoor worden ze in hun ontwikkeling steeds minder afhankelijk van anderen en leren ze hun kennis en strategieën te gebruiken in situaties die ze nog niet eerder zijn tegengekomen.

Successief model

Volgens dit model gaat de aanvankelijke sturing vanuit het opleidingscurriculum in de loop van de opleiding over in een sturing vanuit de ervaringen die de student opdoet op de werkplek.

SVO

Speciaal Voortgezet Onderwijs

TL

Theoretische Leerweg

Top down

Leesmodel waarbij het lezen wordt gezien als een vaardigheid waarbij woorden worden herkend op grond van voorkennis t.a.v. de tekst, op grond van het waarnemen van vluchtige kenmerken van een woord enz.

VAVO

Voortgezet Algemeen Volwassenenonderwijs

VBO

Voorbereidend Beroepsonderwijs

Visueel geheugen

Het (aan)leren van nieuwe woorden door de leeromgeving daarvoor geschikt te maken, de juiste werkvormen te kiezen, kinderen strategieën aan te leren en de juiste instructie te geven.

VMBO

Voorbereidend Middelbaar Beroepsonderwijs

VO

Voortgezet Onderwijs

Voor en vroegschoolse educatie

Overheidsbeleid, waarbij in een akkoord is afgesproken dat gemeenten de komende jaren zullen investeren in een veredere versterking en uitbreiding van peutervoorzieningen.

VSO

Voortgezet Speciaal Onderwijs

VSO-LOM

Voortgezet Speciaal Onderwijs voor Kinderen met Leer- en Opvoedingsmoeilijkheden

VSO-MLK

Voortgezet Speciaal Onderwijs voor Moeilijk Lerende Kinderen (tegenwoordig: PrO)

Vuistregels

Regels waaraan je je moet houden, vanuit vakken voorgeschreven.

VWO

Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs

WBO

Wet op het Basisonderwijs

WEB

Wet Educatie en Beroepsonderwijs

Wederkerend onderwijzen

Wederkerend onderwijzen of reciprocal teaching is een vorm van coöperatief leren in kleine groepen. Het doel is dat leerlingen strategieën toepassen die leiden tot beter leesbegrip. Discussie over de betekenis van de tekst staat hierbij centraal. De leerkracht en de leerlingen leiden om de beurt een discussie over de inhoud van een tekst. In het begin zal de leerkracht de leider van de discussie zijn, later een van de leerlingen. Na het stil of samen lezen van de tekst voert de leider een aantal leesstrategieën uit waarop de andere leerlingen reageren.

Welbevinden

Kinderen hebben een hoog welbevinden als zij lekker in hun vel zitten, zich gewaardeerd en begrepen voelen.

Werkconcept

Een verslag, geschrift waarin jouw visie tot uiting komt, gebaseerd op meerdere principes.

WHW

Wet op het Hoger Onderwijs en het Wetenschappelijk Onderzoek

WIN

Wet Inburgering Nieuwkomers

Witruimte

Een woord uit de schrijwereld. Dat is de ruimte in de letters en tussen de letters.

WMO

Wet Medezeggenschap Onderwijs

WO

Wetenschappelijk Onderwijs

Woordenschatdidactiek

Het (aan)leren van nieuwe woorden door de leeromgeving daarvoor geschikt te maken, de juiste werkvormen te kiezen, kinderen strategieën aan te leren en de juiste instructie te geven.

WOV

Wet op de Onderwijsverzorging

WPO

Wet op het Primair Onderwijs

WSNS

Weer Samen Naar School

WVO

Wet op het Voortgezet Onderwijs

ZKOO

Ziektekosten Onderwijs- en Onderzoekpersoneel

ZML

Zeer Moeilijk Lerenden

ZMLK

Zeer Moeilijk Lerende Kinderen

ZMOK

Zeer Moeilijk Opvoedbare Kinderen

ZVO

Ziektekostenvoorziening Overheidspersoneel

Permanente koppeling naar dit artikel: http://www.jufsanne.com/informatie-voor-ouders/woordenboek/